Vleesetende planten fascineren. Ze komen over de hele wereld voor. In Nederland komen soorten van zonnedauw van nature voor. Deze plant is inmiddels beschermd. Op zure, dichtgeslagen en zeer vochtige gronden groeien vleesetende planten het beste. Ze kunnen in het algemeen slecht tegen kraanwater. Als gietwater moet regenwater of anders gedestilleerd water worden gebruikt. Oppotten gaat in turf al dan niet gemengd met Sphagnum. Er mag niet te veel voedsel in zitten.

De kleverige klierharen scheiden een stof, uit die insecten aanlokt. De klierharen omsluiten de prooi en het verteringsproces gaat van start. Sommige soorten lokken insecten in hun beker, waar de dood ze wacht

 

We zien hier een wesp, gelokt door nectar, een gevaarlijk spel spelen op de rand van de beker van een Nepenthes.

Een mix van bloeiende bekerplanten en zonnedauw.

Voor meer info over vleesetende planten: Werkgroep Carnivora